Direct Inschrijven

Inschrijven

Preventie Conferentie 2016
Inschrijven

Verslag Preventie Conferentie België

Federaal Parlement (Brussel)

27 november 2014


Iets meer dan 70 geïnteresseerden kwamen op 27 november laatstleden naar het Federaal Parlement in Brussel afgezakt om deel te nemen aan de tweede editie van de Preventie Conferentie. De arbeidsgeneeskunde stond hierbij centraal, waarbij niet alleen het kostenplaatje van ziekteverzuim werd geschetst maar eveneens de uitdagingen waarvoor de arbeidsgeneeskunde staat.

#

Als dagmoderator leidde Dr. Jan Van Emelen het centrale thema van deze Preventie Conferentie in. Twee cruciale vragen duiken hierbij op. Kunnen we preventie op het werk, in al haar facetten, openen voor alle risico’s? En kunnen we secundaire preventie toepassen via gemakkelijker en sneller arbeidsreïntegratie?

#

Nastassia Gumuchdjian (Eura Nova, informatietechnologie en services) stond stil bij de torenhoge kosten die absenteïsme en presenteïsme met zich meebrengen. In België zouden deze kosten op jaarbasis samen een slordige 19,6 miljard euro bedragen, wat overeenkomt met bijna 50% van het totale jaarlijkse kostenplaatje aan gezondheidskosten van 41,8 miljard euro. Die geëxtrapoleerde cijfers kwamen naar boven toen Eura Nova voor een computergigant berekende wat de promotie van een gezonde levensstijl bij werknemers zou kunnen opleveren. Voor de computergigant, die over een periode van vier jaar ongeveer 80 miljoen euro hierin investeerde, leverde dit een besparing van 100 miljoen euro op. Uit andere berekeningen bij een bedrijf van 200 werknemers bleek dan weer dat de directe en indirecte kosten door ziekte jaarlijks iets meer dan een miljoen euro bedragen (1,024 miljoen).

#

De schadelijke gevolgen van arbeid op gezondheid zijn heel goed gedocumenteerd. Prof. Dr. Lode Godderis (arbeidsgeneeskunde, KU Leuven) ziet echter meer en meer aanwijzingen van de omgekeerde redenering, namelijk dat wie werkt ook daadwerkelijk gezonder is. Of hoe het mogelijk is om zieke mensen via het werk terug gezond te krijgen. Hij maakte daarbij wel de opmerking dat enkel “goede” jobs met een bijhorend equivalent statuut tot een betere gezondheid bijdragen. Uit studies van de Italiaanse professor Minelli blijkt trouwens dat wie werkloos is, zijn of haar eigen gezondheid niet hoog inschat. Maar zelfs wie tijdelijk aan de slag is, waardeert zijn of haar gezondheidstoestand bijna evenwaardig als wie een contract van onbepaalde duur heeft. Tot slot kon Prof. Godderis niet anders dan het onderwerp burn-out aansnijden, een hot topic op dit moment. Om burn-out te bestrijden is het essentieel om de “bevlogenheid” tijdens de werkbeleving aan te zwengelen.

#

Wilfried Donceel (ere-directeur IDEWE) heeft in zijn lange carrière vaak de pen van nieuwe regels in de arbeidsgeneeskunde vastgehouden. Centraal hierbij is de wet Welzijn op het Werk , die volgens hem te vaak in een juridisch harnas wordt gezien, terwijl de invulling van “welzijn” in de praktijk eerder een cultuur van een gezond arbeidsmilieu moet zijn. Nog te weinig werkgevers zijn zich bewust van de juridische verantwoordelijkheid die ze voor de gezondheid van hun werknemers dragen. Hij pleit verder voor een volwaardig artsenstatuut voor de arbeidsgeneesheren en hekelt de oubollige terminologie die in de arbeidsgeneeskunde schering en inslag is. “Iemand aan een onderzoek onderwerpen” is daar een mooi voorbeeld van. Tot slot moet de administratieve papiermolen in de arbeidsgeneeskunde worden afgebouwd en vraagt hij meer marketing en promotie van de externe diensten voor welzijn op het werk, om zo de zelfstandige kapers op de kust – die aan geen eisen moeten voldoen – te beletten de concurrentie scheef te trekken.

#

Voor Dr. Katrien Mortelmans (Mensura) kijkt de arbeidsgeneeskunde tegen een vijftal uitdagingen aan. Zo is het in de eerste plaats belangrijk dat voor oudere werknemers een werkbaar en kwalitatief werkkader wordt gecreëerd. Een specifiek werkgelegenheidsplan voor oudere werknemers kan daar een voorbeeld van zijn. Een volgende uitdaging van arbeidsgeneesheren is om de re-integratie van zieke werknemers te bevorderen. Dat kan vanuit het beleid en in het federale regeerakkoord staat (eindelijk) expliciet het begrip “re-integratieplan” vermeld. Maar in de praktijk zijn soms kleine ingrepen voldoende om de werkomstandigheden te verbeteren. De derde uitdaging van de arbeidsgeneeskunde is de gezondheidspromotie, omdat een ongezonde levensstijl uiteraard gelinkt is met arbeidsongeschiktheid. Verder hield ze een pleidooi voor een evidence-based medicine (EBM) op het niveau van de externe en interne diensten voor preventie en welzijn en voor meer samenwerking tussen alle artsen en iedereen die met preventie in de zorg bezig is.

#

Dr. Marc Du Bois (CM) lichtte de arbeidsintegratie toe zoals die nu is, met aandacht voor de mogelijke valkuilen. Re-integratie is een complex probleem, vaak een “zure appel om door te bijten”, voor alle betrokken partijen. Hij merkt bijvoorbeeld op dat heel wat aandoeningen door hun complexe doktersjargon vaak ernstiger lijken dan dat ze op het eerste gezicht zijn. Die terminologie werkt vaak niet geruststellend, wat de re-integratie bemoeilijkt. Een behandeling dicht bij de werkplaats bevordert dan weer de hervatting van de arbeid. Verder is het van belang om onmiddellijk na het vaststellen van de arbeidsongeschiktheid een datum van hervatting voorop te stellen en hiermee niet weken te talmen. Hierbij moet absoluut worden vermeden dat verschillende betrokken artsen tegenstrijdige boodschappen met de patiënt meegeven, want ook dit is een factor die de herintegratie kan belemmeren.

#

Dat re-integratieprojecten en –initiatieven wel degelijk mogelijk zijn, werd duidelijk aan de hand van enkele voorbeelden uit de praktijk. Zo biedt de Nederlandse firma re-Activate psychische zorg, loopbaanbegeleiding, persoonlijke ontwikkeling en re-integratie aan. Geen overbodige luxe in Nederland waar meer dan 30% van het langdurig ziekteverzuim een psychische oorzaak kent. De kostprijs van dit ziekteverzuim alleen bedraagt al 2 miljard euro op jaarbasis. Verzekeringsfirma Allianz lichtte de mogelijkheden tot re-integratie na blijvende invaliditeit als gevolg van een ongeval toe. Vier pijlers zijn hierbij belangrijk: professionele rehabilitatie, care management, medisch management en een handicap-toegankelijke aanpassingen. Maar uit de voorstelling van Chris Nas, die verbonden is aan de Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ) in Nederland, blijkt dan weer dat op Europees niveau zowel de steun als de interesse voor arbeidsintegratie na psychische aandoeningen eerder op een laag pitje staan.

#

Prof. Em. Yvo Nuyens (KU Leuven, directeur Wereldgezondheidsorganisatie) besprak een aantal recente statistieken rond ziekteverzuim. Het ziekteverzuim, zowel kort als lang, blijft maar stijgen, alsook het aantal gevallen van invaliditeit. Cijfers bevestigen de opmars van psychisch aandoeningen. In 2002 waren er bijvoorbeeld 63.454 langdurig arbeidsongeschikten omwille van psychische aandoeningen, op een totaal van 209.758 langdurig arbeidsongeschikten. In 2013 bedroegen die cijfers respectievelijk 108.643 en 320.823, of een groei van 71% en 52,9%. Zowel in het Vlaamse als in het federale regeerakkoord komen preventie, arbeidsgeneeskunde en re-integratie aan bod, maar eerder in algemene termen. Tot slot bemerkt Prof. Nuyens dat preventie bij werkgevers vaak wishful thinking blijft in tegenstelling tot een concreet preventieplan. Zo heeft 20% van de Vlaamse en Brusselse ondernemingen geen globaal preventieplan, wat verontrustend is als gekende gezondheidsproblemen zoals overgewicht en obesitas epidemische allures krijgen.

#

Diensten voor preventie en welzijn op het werk kunnen veel meer aan preventie doen, was de vraagstelling van de ronde tafel met Geert De Prez (Agoria), Prof. Dr. Dirk Devroey (huisartsgeneeskunde VUB), Joeri Staessen (Partena) en Prof. Yvo Nuyens. Die stelling kreeg bijval, maar daarvoor is in de eerste plaats een uitgebreid wettelijk kader nodig. Samenwerking met andere zorgverstrekkers is een conditio sine qua non om dit tot een goed einde te brengen. Die samenwerking moet eveneens op politiek niveau plaatsvinden, op lokaal en regionaal niveau, en op het niveau van de Gemeenschappen en federaal, over alle kabinetten heen die zich met gezondheid bezighouden. De rol van private ondernemingen in de strijd voor een betere en efficiëntere preventie in zorg is een valabele optie naar de toekomst toe, ook in de arbeidsgeneeskunde.

Afspraak

Volgende afspraak voor de derde editie van de Preventie Conferentie in november 2015. Wenst u hiervan op de hoogte gehouden te worden, schrijf u in op onze nieuwsbrief via de aanmeldbutton rechtsboven op deze pagina. Of volg ons op Twitter.

Informatie

Behoort u tot de doelgroep en wilt u op de hoogte worden gehouden?
Stuurt u ons dan een berichtje via info@preventieconferentie.be.

Mogelijk gemaakt door